STEM - SODA+

STEM

Het TSO/BSO kan wél meer leerlingen aantrekken.

STEM zorgde niet voor een grotere instroom in het TSO/BSO. Dé sleutel is de perceptie verbeteren van de TSO- & BSO-scholen. Vzw SODAplus ondersteunt de scholen in het motiveren van leerlingen. We zetten in op de professionele attitudes van leerlingen. En dat wérkt!

Ja, ik wil de perceptie van mijn school nog verbeteren

 

STEM-richtingen blijven het slecht doen in het tso/bso.

"In 1996 kozen 56.000 leerlingen voor zo'n opleiding, in 2016 is dat nog amper 44.000", aldus Vlaams Parlementslid Jos De Meyer (CD&V) (Huyghebaert, 2018).

Ook Steel (2018) beaamt dat de STEM-richtingen in tso/bso het moeilijker hebben om leerlingen aan te trekken, desondanks de verschillende initiatieven om de ouders en jongeren beter te informeren. Denk hiervoor bijvoorbeeld aan het Beroepenhuis. De Standaard (2018) pakt eveneens uit met een krantenkop die alleszeggend is: "STEM is jong en hip, behalve in bso en tso". Het STEM Monitor onderzoek van 2019 toont daarnaast aan dat (Departement Onderwijs en Vorming, 2019):

  • Het percentage leerlingen in STEM-studierichtingen in het tso daalt en dit zowel in het eerste leerjaar van de tweede graad (- 0,7 procentpunt) als in het eerste leerjaar van de derde graad (- 0,8 procentpunt) t.o.v. 2016-2017;
  • In de tweede graad van het bso wordt een stijging t.o.v. de nulmeting waargenomen met 1,4 procentpunt tot 41,48%, maar in de derde graad van het bso wordt een daling met 0,4 procentpunt vastgesteld.

Meer specifiek blijft het percentage meisjes in STEM-studierichtingen ook enorm laag: 30% meisjes tegenover 70% jongens.

De school- en studiekeuze wordt ook bepaald door de reputatie van een school.

De schoolkeuze, die vaak gepaard gaat met de studiekeuze (Herweijer & Vogels, 2004Vander Stuyft, 2015), blijkt in grote mate samen te gaan met de reputatie van de school (Boone, 2017; Creten, Douterlungne, Verhaeghe, & De Vos, 2000Tedin & Weither, 2004op vlak van:

  • Niveau (moeilijkheidsgraad): Te vaak leeft de perceptie dat aso moeilijker is dan tso, tso moeilijker dan bso,... en dat aso-leerlingen intelligent en welopgevoed zijn. Tso-leerlingen worden daarentegen gezien als minder begaafd, maar wel sociaal, en leerlingen uit bso krijgen eerder de domme en agressieve stempel (Van Gasse & Van Cauteren, 2011). De meerderheid van de Vlaamse jongeren start daardoor in aso en komt terecht in tso/bso na ‘herhaaldelijk falen’ in aso (De Mey, 2017; Van Gasse & Van Cauteren, 2011, Vlaamse Scholierenkoepel, 2019).
  • Discipline: Scholen die meer inzetten op (zelf)discipline en op professionele attitudes worden aanzien als "kwaliteitsvollere scholen" (Boone, 2017; Creten et al., 2000; Warmoes, Stassen, Devos, & Verhoeven, 2003)
  • ...

Met SODA een betere perceptie

  1. vzw SODAplus heeft als missie de perceptie van het tso/bso-onderwijs te verbeteren door in te zetten op de professionele attitudes van leerlingen.
  2. Ook onderzoekt vzw SODAplus jaarlijks welke acties een positieve invloed hebben op de perceptie van iedere school.

Ja, ik wil de perceptie van mijn school nog verbeteren!

 

Meer meisjes in STEM

En wat met de meisjes? Internationaal kiezen meisjes minder vaak voor technische richtingen dan jongens. En, hoewel er reeds mooie initiatieven zijn ontstaan om techniek aantrekkelijker te maken voor meisjes, blijkt uit onderzoek dat een hogere gendergelijkheid er net voor zorgt dat minder meisjes kiezen voor technologische studierichtingen (Stoet & Geary, 2018). Dit klinkt paradoxaal, maar kan ook gewoon betekenen dat in gendergelijke landen meisjes vooral een richting kiezen die ze graag willen doen, waar de keuze in landen met een lagere gendergelijkheid misschien eerder financieel is.

SODA+ legt de focus in de eerste plaats dus op het verbeteren van de reputatie van tso/bso-onderwijs en de kansen op de arbeidsmarkt verhogen voor iedereen. Op deze manier wil SODA+  tevens mogelijke genderdiscriminatie van meisjes in technische beroepen wegwerken: het gaat om de professionele attitudes, en niet om gender (Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen, 2017)!

Referenties

Boone, S. (2017). Prangende vaststellingen uit het onderzoek [PowerPointpresentatie]. Geraadpleegd van http://pro.vanbasisnaarsecundair.be/content/onderzoeksresultaten/ws-vaststellingen-onderzoek.pptx

Creten, H., Douterlungne, M., Verhaeghe, J., & De Vos, H. (2000). Voor elk wat wils. Schoolkeuze in het basis- en secundair onderwijs. Leuven - Gent: HIVA - RUG, vakgroep Onderwijskunde.

De Mey, A. (2017). Het maatschappelijk aanzien ten opzichte van onderwijsvormen: percepties van leerlingen uit het secundair onderwijs. Geraadpleegd van https://lib.ugent.be/fulltxt/RUG01/002/376/872/RUG01-002376872_2017_0001_AC.pdf

De Standaard. (2018, juni 21). STEM is jong en hip, behalve in bso en tso. Geraadpleegd op oktober 29, 2019, van https://www.standaard.be/cnt/dmf20180620_03573191

Departement Onderwijs en Vorming. (2019). STEM-monitor. Geraadpleegd van https://www.vlaanderen.be/publicaties/stem-monitor-2019

Herweijer, L., & Vogels, R. (2004). Ouders over opvoeding en onderwijs. Geraadpleegd van https://www.scp.nl/Publicaties/Alle_publicaties/Publicaties_2004/Ouders_over_opvoeding_en_onderwijs

Huyghebaert, P. (2018, januari 2). Waarom worden opleidingen voor vakmensen niet populairder? Geraadpleegd op oktober 29, 2019, van https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2018/01/02/waarom-worden-opleidingen-voor-vakmensen-niet-populairder/

Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen. (2017). Genderdiscriminatie in België : een stand van zaken. Cijfers 2016.

Radio 1. (2018). Hoe meer gendergelijkheid, hoe minder meisjes kiezen voor technologische studierichtingen. https://radio1.be/hoe-meer-gendergelijkheid-hoe-minder-meisjes-kiezen-voor-technologische-studierichtingen

Steel, T. (2018, juni 21). Wetenschappelijke en technische richtingen winnen aan populariteit. Geraadpleegd op oktober 29, 2019, van https://www.tijd.be/politiek-economie/belgie/vlaanderen/wetenschappelijke-en-technische-richtingen-winnen-aan-populariteit/10024232.html

Stoet, G., & Geary, D. C. (2018). The gender-equality paradox in science, technology, engineering, and mathematics education. Psychological Science, 29(4), 581–593. https://doi.org/10.1177/0956797617741719

Tedin,L. K. & Weiher,G. R. (2004). Racial/Ethnic Diversity and Academic Quality as Components of
School Choice. The Journal of Politics, 66 (4), 1109-1133. doi:10.1111/j.0022-3816.2004.00292.x

Vander Stuyft, C. (2015). SCHOOLKEUZE VOOR HET SECUNDAIR ONDERWIJS DOOR DE BRIL VAN DE OUDERS: EEN KWALITATIEF ONDERZOEK. Geraadpleegd van https://lib.ugent.be/fulltxt/RUG01/002/216/325/RUG01-002216325_2015_0001_AC.pdf

Van Gasse, R., & Van Cauteren, C. (2011). Maatschappelijk aanzien van onderwijsvormen: Feit of mythe? Geraadpleegd van https://www.scriptiebank.be/sites/default/files/db2db4d36c92f94e17505365e171ba21.pdf

Vlaamse Scholierenkoepel. (2019, juli 9). Die modernisering van het onderwijs, hoe zit dat nu eigenlijk? Geraadpleegd van https://www.scholierenkoepel.be/artikels/die-modernisering-van-het-onderwijs-hoe-zit-dat-nu-eigenlijk?returnurl=node/1691

Warmoes, V., Stassen, K., Devos, G., & Verhoeven, J. C. (2003). Ouders over scholen. Geraadpleegd van https://core.ac.uk/download/pdf/34401934.pdf